Alternerend leren: 14% meer eerste inschrijvingen

Alternerend leren

Het alternerend leren heeft in het Brussels Gewest intussen zijn eigen plaats tussen de school en de onderneming verworven. Het aantal mensen dat zich voor het eerst heeft ingeschreven, is gestegen in 2019, en jaarlijks komen er nieuwe opleidingen bij om tegemoet te komen aan de noden van de werkgevers. Voor sommigen blijft het echter lastig om een werkgever te vinden bij wie ze terechtkunnen om de praktijk te leren.

“Alternerend leren wordt erkend als de meest efficiënte leermethode. Maar liefst 85% van de mensen die een opleiding via het alternerend leren voltooien, vindt een job, ondanks het feit dat voor sommige opleidingen geen werkgevers te vinden zijn die opleiding willen geven. In Duitsland is het alternerend leren een onderdeel van de bedrijfscultuur! Dat moet in Brussel ook zo worden. De ondernemingen moeten begeleid worden, zodat ze zich inzetten voor de opleiding van jongeren”, stelt Bernard Clerfayt, de Brusselse minister van Werk en Beroepsopleiding.

Het alternerend leren gaat er concreet aan toe: het is een manier van leren waarbij de theorie op de praktijk afgestemd wordt. Ook is het een soort opleiding die ervoor zorgt dat de noden van de ondernemingen worden vervuld op het vlak van geschoolde arbeidskrachten.

De vorige Brusselse Regering heeft een heel arsenaal ingezet om het alternerend leren te stimuleren: zo konden werkzoekenden gratis deelnemen aan een opleiding, was er een premie voor de ondernemingen en werd begeleiding voorzien voor de stagiairs. De cijfers voor 2019 tonen overigens een stijging van het aantal inschrijvingen.

Bij het EFP, de instelling belast met het alternerend leren in het Brussels Gewest, bedroeg het aantal inschrijvingen op 31 oktober jl. 4.787, waarvan 4.120 van mensen ouder dan 18 jaar. Van deze laatste groep schreven 2.851 mensen zich voor het eerst in, wat een stijging met 14% betekent. Dat toont de aantrekkelijkheid van het alternerend leren aan. Bij de beroepen die verband houden met de bouwsector, bedraagt deze toename zelfs 37%.

Hoewel sommige werkgevers nog stageplaatsen aanbieden en stagiairs zoeken die aan een opleiding via het alternerend leren willen beginnen – wat het geval is voor restaurants, kapsalons en tuinaannemingen – hebben anderen moeite om werkgevers te vinden die hen willen opleiden. Dat is vooral het geval bij opleidingen in de digitale sector: assistent-ontwikkelaar, community manager, UX/UI-designer of computergraficus.